Hadith

 

Op deze pagina komt een aantal hadith te staan.

Hadith zijn letterlijke overleveringen van dingen die de Profeet Mohammed (vzmh) heeft gezegd of gedaan.
Na de Koran en de soennah zijn deze zaken het belangrijkst voor de moslim.

 

Aboe Hoerairah verhaalt dat de boodschapper van Allah zei:

"De sterke man is niet degene die goed is in worstelen, maar degene die controle over zichzelf heeft tijdens een aanval van woede.''

(Boekhaarie en Moeslim)

Aboe Hoerairah verhaalt dat de boodschapper van Allah zei:

''Voorwaar, Allah wilde een leproos, een kale en een blinde van de kinderen van Israël beproeven, dus stuurde Hij een engel (in menselijke gedaante).
De engel kwam bij de leproos en zei:
''van wat voor iets houd jij het meest?''
Hij zei: "Een mooie (huid-)kleur en een mooie huid. En dat van mij weggaat wat de mensen haten."
Hij raakte hem aan en de ziekte ging van hem weg en hij kreeg een mooie kleur.
Toen vroeg hij: "Van wat voor eigendommen houd jij het meest?"
Hij zei: "Kamelen."
daarop werden er tien zwanger vrouwtjeskamelen gegeven en werd hem gezegd: "Moge Allah er voor je zegeningen in brengen."

Toen ging hij (de engel) naar de kale en zei:
''van wat voor iets houd jij het meest?''
Hij zei: "Mooi haar en dat van mij weggaat wat de mensen haten."
Hij raakte hem aan en zijn ziekte ging van hem weg en hij kreeg mooi haar.
Hij vroeg: "Van wat voor eigendommen houd jij het meest?"
Hij zei: "Koeien."
Toen kreeg hij drachtige koeien en de engel zei: "Moge Allah er voor je zegeningen in brengen."

Daarop ging hij naar de blinde en zei:
''van wat voor iets houd jij het meest?''
"Dat Allah mijn gezichtsvermogen herstelde."
Toen raakte hij hem aan, waarop Allah zijn gezichtsvermogen herstelde.
Daarop vroeg hij:
"Van wat voor eigendommen houd jij het meest?"
Hij zei: "Geiten."
Toen kreeg hij een zwangere geit.

De dieren vermenigvuldigden zich snel, zodat er één een vallei vol kamelen had, er één een vallei vol koeien had en er één een vallei vol geiten had.
Na verloop van tijd bezocht de engel de (voormalige) leproos in zijn gedaante als mens en zei:
"Ik ben een arm en behoeftig mens en heb al mijn middelen tot onderhoud tijdens mijn reis uitgeput en ik heb buiten Allah geen middelen om mijn reis te voltooien. Ik vraag jou, in naam van degene die jou een mooie kleur en mooie huid heeft gegeven, mij een kameel te geven om mijn reis te voltooien."
Hij zei: "Ik heb veel verplichtingen."
Hij (de engel) zei: "Het is of ik jou eerder heb gezien, was jij geen leproos die door de mensen gemeden werd, die daarop door Allah rijk werd gemaakt?"
Hij zei: "Ik heb deze eigendommen van mijn voorvaderen geërfd."
Hij (de engel) zei: "Als je liegt, moge Allah je dan terugbrengen in de toestand waarin je was."

Toen kwam hij in zijn gedaante als mens bij de (voormalige) kale man en herhaalde zijn verzoek aan hem.
Hij kreeg een soortgelijk antwoord als hij van de leproos gekregen had.
Tegen hem zei hij: "Als je liegt, moge Allah je dan terugbrengen in de toestand waarin je was."

Toen bezocht de engel de (voormalige) blinde man in zijn vroegere gedaante en zei:
"Ik ben een arm en behoeftig mens en heb al mijn middelen tot onderhoud tijdens mijn reis uitgeput en ik heb buiten Allah geen middelen om mijn reis te voltooien. Ik vraag jou in naam van degene die jou jouw gezichtsvermogen heeft teruggegeven, geef mij een geit die mij van nut kan zijn bij het bereiken van mijn bestemming."
Hij zei: "Ik was inderdaad blind, en Allah heeft mij mijn gezichtsvermogen teruggegeven. Jij mag nemen wat je wilt en je mag achterlaten wat je wilt. Bij Allah, ik zal jou niets weigeren dat jij in de naam van Allah, de Heer van eer en glorie, wilt nemen."
Hij (de engel) zei: "Houd alles wat je hebt. Jullie zijn beproefd. Allah is zeker met jou behaagd en Hij is vertoornd op jouw metgezellen."

(Boekhaarie en Moeslim)

Aboe Hoerairah Abdoerrahman bin Shokhr verhaalt dat de boodschapper van Allah zei:

"Allah de Verhevene kijkt niet naar jullie lichamen.
En hij kijkt niet naar jullie uiterlijk, maar Hij kijkt naar jullie harten."

(Moeslim)

Ibn 'Abbaas en Anas ibn Maalik verhalen dat de Boodschapper van Allah zei:

"Als een zoon van Adam een vallei vol goud had, zou hij er twee verlangen. Niets kan zijn mond vullen, behalve de aarde in het graf. Allah wendt zich vol barmhartigheid tot degene die berouw voelt."

(Boekhaarie en Moeslim)

Ibn Mas'oed zei:

"Ik bezocht de Profeet en hij had koorts.
Terwijl ik hem met mijn hand aanraakte zei ik: "Boodschapper van Allah, je hebt heel hoge koorts."
De Profeet van Allah antwoordde: "Inderdaad, mijn koorts is zo hoog als die van twee van jullie."
Ik zei: "Is dat omdat jij een dubbele beloning ontvangt?"
Hij zei: "Dat is zo. Geen moslim lijdt aan iets, de prik van een doorn of erger, of Allah wist iets van zijn zonden daardoor uit. En zijn zonden vallen van hem weg zoals de bladeren van een boom."

(Boekhaarie en Moeslim)

Soelaiman ibn Soerad verhaalt:

'Ik zat bij de Profeet toen twee mannen ruzie begonnen te maken en één van hen werd rood en de aders in zijn nek zwollen op. De Boodschapper van Allah zei:
"Als hij een zin die ik ken zou uitspreken, zou hij de toestand waar hij zich in bevindt kwijt zijn. De zin is: Ik zoek mijn toevlucht tot Allah tegen de vervloekte Satan."
Zij zeiden dus tegen hem: "De Boodschapper van Allah zegt: Zoek je toevlucht bij Allah tegen de vervloekte Satan."

(Boekhaarie en Moeslim)

Anas verhaalt dat de Boodschapper van Allah zei:

"Wanneer Allah het goede voor Zijn dienaar besloten heeft, versnelt Hij een bestraffing voor hem in deze wereld. En wanneer Hij het slechte voor hem besloten heeft, haast Hij zich niet Zijn dienaar in deze wereld te straffen maar wacht Hij tot de Dag des Oordeels om hem ter verantwoording te roepen."
De Profeet zei ook:
"De grootte van de beloning is naar gelang de grootte van de beproeving: en wanneer Allah de Verhevene van een volk houdt, stelt Hij hen op de proef. Voor hem die de beproeving blijgemoed doorstaat is het welbehagen van Allah; voor hem die er ontevreden mee is, is er de ontevredenheid van Allah."

(Tirmidzie)

Aboe Yahya ibn Soehaib ibn Sinaan verhaalt dat de Boodschapper van Allah zei:

"Hoe wonderlijk is het geval van de gelovige: er is iets goeds voor hem in alles en dit is bij niemand anders het geval dan bij de gelovige. Wanneer hij iets aangenaams ervaart, uit hij zijn dankbaarheid tegenover Allah, en dat is goed voor hem.
Wanneer hij een tegenslag ervaart, heeft hij er geduld mee, en dat is goed voor hem."

(Moeslim)

Aboe Moehammad Hasan ibn 'Alie verhaalt dat hij het volgende van de Boodschapper van Allah leerde:

"Geef datgene op wat je doet twijfelen en houdt je vast aan datgene wat zonder twijfel is, want oprechtheid geeft rust van geest en leugenachtigheid is twijfel."

(Tirmidzie)

'Abdoellah ibn Mad'oed verhaalt dat de Profeet zei:

"Oprechtheid leidt tot deugd en deugd leidt tot het paradijs.
Een man volhardt in het vertellen van de waarheid, totdat hij bij Allah opgeschreven is als een waarheidsgetrouw man.
Leugenachtigheid leidt tot zonde en zonde leidt tot het vuur en een man gaat door met het vertellen van leugens, tot hij bij Allah opgeschreven is als een leugenaar.

(Boekhaarie en Moeslim)

 

 

 
Google
 
Web www.redouan.nl

 

naar boven

Terug naar de inhoudsopgave van deze site